dinsdag, 23 oktober 2007

OOSTENDE 1600: De cafeetjes . . .

Het leven in een herberg in de Gouden Eeuw volgens Ostade

 

Een visserstad en een kaai: het kan niet anders of er moesten ook cafeetjes te vinden zijn. Die zijn er inderdaad altijd in grote getale geweest te oostende. In de gouden eeuw brachten belastingen op wijn en bier de helft van de inkomsten van de stad op. De mensen op de straat dronken doordeweeks "keyte", gewoon bier zonder hoppe, maar er werd ook veel "ael" (ale) ingevoerd. Koffie, thee en chocolade waren er immers nog niet.Voor het brouwen werd er water uit de duinepannen gehaald.

Inlandsbier hette dus keyte of juffrouwenbier uit sint-michiels. Het beste buitelands bier was van holland, uit gouda. ook in oostende werd deftig gebrouwen. Men sprak toen van het "bieren" van de stad, wat betekent van bier voorzien.Soms waren er hevige ruzies tussen brouwers en pachters, met als gevolg dat oostende dagenlang zonder bier zat. Langszaam werd er meer "engelschen ael en breemsch bier" ingevoerd.

Omstreeks 1560 waren er veel cafeetjes in de stad, wat samenvalt met de grote bloei van Oostende als vissershaven. Dichtbij de blauwe sluis was er een drukke bedrijvigheid. Later zou hier de westpoort komen.Daar ook, langs de zoutketen van cornelis, en langs de weg naar de wijk "de meet" hadden we de "vierboet" of "het vuurtorentje" en "het havenhuyzeken". Zelfs de weg naar de duinepanne, waar het drinkwater gehaald werd bevonden er zich dichtbij de Noordstraete" de drie konnynghen". In de kaaistraat zullen de herbergen gefloreerd hebben waar veel gasten uit duinkerke of nieuwpoort kwamen. Verschillende drankhuizen werden buiten het schependom opgericht om aan de belastingen te ontsnappen: ter wiele, het riethuus, het barderen huus, het draeckxken enz...Daar ook in de buurt kwamen de vissers hun netten drogen als ze uit zee kwamen. Ze gaven haring aan de "upperdunheerder" voor de toelating.Er waren vier brouwerijen toen. Ze waren van jan busschop, cornelis hooft, jaecquemine de weduwe van roegier valckaert en van andries vermeere.

cafe 1600

 

17:12 Gepost door johan in geschiedenis van vlaamse visserij | Permalink | Commentaren (0) | Tags: kust, noordzee, geschiedenis, cafe, visserij, vissers, vlaams, herberg | |  del.icio.us | | Digg! Digg |  Facebook | |  Print |

Oostende 1600: De gouden eeuw.

oostkaart2

 

De zestiende eeuw vormde zondermeer het hoogtepunt van de bloei. Er waren veel vaartuigen,stuurlieden, weerden, koopvaarders, haringjagers, grote besommingen en handelaars. Gedurende de regering van Karel V gingen moruwevisserij en bijbehorende sterk vooruit. De vissers reisden naar de Doggersbank, Jutland, ijsland en de Lofoten.

Er waren nochtans ook schaduwzijden aan die grote bloei. De twee grootste problemen van die tijd waren het namaken van het Oostends haringmerk en de zeeroverij. Oostende had inderdaad een goede naam wat betreft de kwaliteit van de vis. Toen Karel V in 1524 in Spanje verbleef, liet hij zijn haring uit oostende komen! Verschillende steden hebben toen het merk van oostende nagemaakt: Dowaai in 1494, Boulogne in 1495, Rouen in 1501 en Antwerpen in 1529. Zelfs hollanders en zeeuwen brachten vaak hun vangst naar oostende wegens de vlotte verkoop en het groot aantal kooplieden. De zeeroverij vierde weeral eens hoogtij. Fransen hadden 6 vlaamse schepen gekaapt. De schade door de oostendenaars geleden in 1483 bedroeg 50000 kronen. Dit was ongeveer driemaal het bedrag voor het uitgraven van de haven. Ook engelse zeerovers waren zeer bedrijvig. Menig oostendse visser werd gevangen genomen en daarvoor werd losgeld gevraagd.