vrijdag, 30 september 2011

Gegrilde gamba's met gele rijst

Gegrilde gamba's met gele rijst

Ingrediënten

  • 1 pakje gele rijst (325 gram)
  • 500 gram sperziebonen
  • 2 tenen knoflook, geperst
  • 2 theelepels sambal badjak
  • 3 eetlepels olie
  • 6 tomaten, gehalveerd
  • 500 gram gamba's (diepvries= ontdooid)
  • 1 bakje verse koriander, 15 gram, grofgehakt

Bereiden

  1. Kook de rijst gaar volgens de aanwijzingen op het pak.
     
  2. Kook de sperziebonen in ruim water met zout in 10 minuten beetgaar. 
     
  3. Verwarm de oven voor op 220 °C. 
     
  4. Roer in een kom de knoflook en sambal door de olie. 
     
  5. Bestrijk het snijvlak van de tomaten met een beetje van de pittige olie, schep de garnalen door de rest van de olie en verdeel ze over de bakplaat. Leg de tomaten tussen de garnalen. Schuif de bakplaat in de hete oven, verhit de garnalen en tomaten 4-6 minuten tot de garnalen goed heet zijn en de tomaten gaar zijn. 
     
  6. Schep de rijst op vier borden en verdeel de tomaten en de garnalen erover. Serveer met de sperziebonen. Bestrooi met koriander naar smaak.


zondag, 25 september 2011

Paella a la casa di juan

 Paella stap-voor-stap van Salomon Engelsman 

Materiaal

  • paellapan (Ø 35 centimeter)
  • aluminiumfolie 

Ingrediënten

  • 4 romatomaten
  • 3 tenen knoflook (ongepeld)
  • saffraandraadjes
  • 1 eetlepel paprikapoeder
  • 4 (maïs)kippenbouten of 1 hele (scharrel)kip
  • 150 mililiter milde olijfolie
  • 1 zak reuzengarnalen, rauw en ongepeld (diepvries, 500 gram, ontdooid)
  • 1 pot gevogeltefond (380 mililiter)
  • 1 pot visfond (380 mililiter)
  • 250 gram sperziebonen, schoongemaakt
  • 400 gram risottorijst
  • 3 takjes verse rozemarijn (zakje van 15 gram)
 

Bereiding

  1. Rasp de tomaten, rasp meteen ook de knoflook. Door te raspen ontstaat er een heel fijne saus, die de paella straks heerlijk op smaak brengt. Gooi velletjes en schillen (die je door het raspen gemakkelijk kunt scheiden) weg. Je kunt er natuurlijk ook voor kiezen om de knoflook te persen. 
     
  2. Roer de saffraan en de paprikapoeder door de tomaten-knoflooksaus.
     
  3. Hak de maiskippenbouten in 3 stukken, of hak een hele mais- of scharrelkip in stukken. Zout de kip grondig.
     
  4. Schenk alle olie in één keer in de pan. In de hete olie bak je de stukken kip al omscheppend mooi donkerbruin. Schep de garnalen bij de kip in de pan en bak ze mee tot ze roze zijn. 
     
  5. Schenk nu de tomatensaus bij de garnalen in de pan en schenk de gevogelte- en de visfond erbij. Roer de boontjes erdoor en schenk water in de pan tot vlak onder de rand (laat nog wat ruimte over voor de rijst). Als je niet aan fond of zelfgetrokken bouillon kunt komen, is een verkruimeld bouillonblokje ook goed.
     
  6. Wacht tot het water kookt. Verdeel dan de rijst voorzichtig over de hele pan. Vanaf nu mag er NIET meer geroerd worden! Houd het vuur redelijk hoog, het vocht zal gaan borrelen en langzaam inkoken. Controleer na 20 minuten of de bovenste rijstkorrels (beet)gaar zijn - de onderste zijn dat dan zeker. Zo niet, kook de paella dan nog 5 minuten langer.
     
  7. Draai het vuur uit, leg de takjes rozemarijn op de paella en bedek de pan met aluminiumfolie. Laat hem voor het serveren nog 10 minuten staan.

TIP

Geen paellapan? Gebruik dan een heel grote ijzeren koekenpan zonder antiaanbaklaag, met een dunne platte bodem en een hoog opstaande rand. Maak de paellapan altijd alleen met heet water schoon. Als je hem voor een langere periode opbergt, wrijf hem dan eerst in met olie en wikkel hem in kranten. 

De kookkunst ervan keek af van een paar oudere Spaanse señores. 'Thuis kun je de paella bereiden op een wokbrander of op de barbecue. Zelf maak ik 'm graag op een houtvuur buiten. Dan krijgt het gerecht een extra lekkere, rokerige smaak. Vlees en vis zijn het belangrijkste bestanddeel van het gerecht, maar groenten mogen ook niet ontbreken. Bijvoorbeeld sperziebonen. De manier van bereiden is altijd dezelfde: het raspen van de ingrediënten, het gebakken vlees en niet meer roeren om een knapperig korstje te maken.